Als mijn kwast niet danst, dan dans ik zelf.

En mijn roepnaam is: Everjanneke

En ik schilderde, kleurpotloden en verf waren mijn speelgoed. Geïnspireerd door en samen met ‘ome Piet’ maakte ik vele schilderwerkjes met kleurmengingen en omgevingstekeningen. Haalde op school voor handvaardigheid een 9, was heel precies, maar kreeg helaas voor tekenen maar net een 6. Kocht als puber, van mijn eerst verdiende geld, een houten koffer met eco-line en verf, die heb ik nog. Soms was ik niet creatief bezig, dan sportte ik, mijn andere grote hobby.

Rond mijn twintigste kreeg creativiteit een ander inzicht. Ik leerde hoe je anders met mensen en het leven om kunt gaan. Soms wist of zag ik dingen, die anderen anders beleefden. Ik kreeg een betaalde baan en zo bleef de kwast tot 1996 in de kast. In die tijd vroeg een onbekende mij, wat ik zo leuk vond aan kleur? Ik antwoordde, 'vroeger schilderde ik' en mijn herinnering voerde me terug naar mijn kwast. Ik meldde me aan bij een schilderclub en leerde kunstenaar Bert Swevels kennen. Van hem leerde ik de finishing touch, wanneer is je schilderij 'af'. Vanaf 2007 schilder ik solo en heden vanuit mijn atelier Everjanneke te Kunsthoven.  

Bijna alle Everjanneke schilderijen dragen een naam en jaartal, dit vind ik leuk. Twintig jaar later zijn middels mijn doeken de ontwikkeling leesbaar (zichtbaar). Vanaf 2002 ben ik via een andere, meer eigen werkwijze aan de slag gegaan, die heb ik door de jaren heen verfijnd.

Graag vergelijk ik het hele proces van mijn schilderen met het levensproces. De bijzondere schilderijen komen tot stand zonder invloed te hebben op de basis laag. Mijn werkmethode! Die gebruik ik expliciet bij een mental-coach sessies; Durf jij te leren vertrouwen en anders te kijken! Het doek en ik zijn belangstellend naar jouw verhaal.

Zelf werk ik dan ook niet met een vooropgezet plan en bij schilderij De Kusz vertel ik er meer over. (Jonge) mensen die ik begeleid ervaren mijn werkmethodiek soms intens, soms intensief, vaak verrassend en meestal verhelderend ten opzichte van hetgeen hen bezighoudt en hoe daarmee om te gaan. 

Als docent autodidacte ontwikkeling leer ik jezelf te ontwikkelen en antwoorden op je vragen te krijgen, met als uitgangspunt een Hoe-vraag? In ieder geval brengt deze ongewone setting veel inspiratie, schwung en inzichten.

Als beelddenker en beeldkijker viel het me op dat mensen op een diverse wijze mijn doeken waarnemen. Soms zien mensen direct wat ikzelf ook zie, vaak kinderen, of zien mensen echt totaal iets anders. Beeld-kijken blijft daarmee zo’n interessante wijze van waarnemen voor mij, mijn cursisten, begeleidingen en de discussie erna. Is er meer? En verdiep me in wat onderzoekers als o.a. Emoto beschrijven en of dat via schilderwijzen gelezen kan worden? Hoe:

“Everjanneke houdt van diepgang, ziet verbanden en patronen, creëert vanuit het gevoel. Hierbij ligt de nadruk op het materiaal en de mogelijkheden die daaruit voortvloeien. Met haar werken buiten de kaders van vaste patronen, helpt ze mensen om anders naar het leven of beeld te kijken, om anders met het leven om te gaan. Daarmee kleurt ze deze wonderlijke wereld liefst mooier, waarbij de betovering van kleur haar blij maakt, ze hoopt u ook.”